Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2010

Alinea 90 Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BK9727.

36. Voor het geval de Hoge Raad mocht oordelen dat er onvoldoende grond is voor het trekken van die conclusie, bespreek ik de vraag of de bewezenverklaarde samenscholing uit de gebezigde bewijsmiddelen kan worden afgeleid. Daarbij verdient in de eerste plaats aandacht dat de groep waarvan verdachte deel uitmaakte uit een klein aantal personen bestond. Uit de bewijsmiddelen 1 en 2 blijkt dat de verdachte nog geen twee minuten in een groep van vijf personen heeft gestaan. De vaststelling van het Hof dat die "vijf jongens buiten op de stoep bij elkaar stonden" gedurende die twee (kleine) minuten, lijkt te impliceren dat het Hof van oordeel is dat ook vijf personen een samenscholing kunnen vormen en dat voor het door het Hof op zich terecht relevant geachte "tijdselement" een periode van nog geen twee minuten voldoende is. Of een en ander met het algemene spraakgebruik is te verenigen, lijkt mij de vraag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7003862d4c2570ec21e1a0a0e95cf7b359b701911b9c5807024f565e8aad7594. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7003862d4c2570ec21e1a0a0e95cf7b359b701911b9c5807024f565e8aad7594, en de alinea staat in dat document op bytes 52000 tot 52927.