Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010
Alinea 263 Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL0193.
Naar mijn opvatting kan worden betwijfeld of een dergelijk ruim ondernemingsbegrip als uiteindelijk in de rechtspraak tot ontwikkeling is gekomen, ook de wetgever voor ogen stond. Daar waar hij spreekt over onderneming, heeft hij de materiële onderneming voor ogen. Zo wordt in de wetsgeschiedenis bij de uitsluiting van de vermogensaftrek voor beleggingslichamen opgemerkt: "De strekking van onze voorstellen is derhalve van de vermogensaftrek uit te sluiten de activa die, waren zij niet op vorenbedoelde wijze gestoken in de huls van een vennootschapsbelastingplichtig lichaam, tot het privé-vermogen van de (uiteindelijke) belanghebbenden zouden behoren." Een strekking die ook past bij de doelstelling van de vermogensaftrek: het op globale wijze de door inflatie veroorzaakte schijnwinstelementen uit het ondernemingsresultaat te verwijderen. Daarnaast refereert de parlementaire geschiedenis ook uitdrukkelijk naar het materiële ondernemingsbegrip (in de zin van art. 2, eerste lid, onderdeel d, Wet VPB 1969). Voor de ondernemingsvrijstelling in de vermogensbelasting is eveneens opgemerkt dat deze het oog heeft op ondernemingsvermogen en dat zij niet is bedoeld voor vermogensbestanddelen met een privékarakter.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5aefc995f34a47b0b692a5e51b7c9d9c9d39fd46204a262fc2450bc38d9156a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5aefc995f34a47b0b692a5e51b7c9d9c9d39fd46204a262fc2450bc38d9156a6, en de alinea staat in dat document op bytes 89262 tot 90500.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5aefc995f34a47b0b692a5e51b7c9d9c9d39fd46204a262fc2450bc38d9156a6 | shasum -a 256