Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 april 2010
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 16 april 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 april 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL5446.
2.12 Onder E verwijst het cassatierekest ten slotte naar het verweerschrift in appel onder 6-15, waarin de vrouw heeft verwezen naar door haar overgelegde stukken, op grond waarvan zij meent dat de man niet alles in het werk stelt om te voldoen aan de eis de voor de rechter van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aan te voeren (art. 21 Rv). De bedoelde passage betreft de reden waarom de man in eerste aanleg geen verweer heeft gevoerd. Volgens de vrouw is onjuist dat de man, zoals hij in het appelrekest heeft aangevoerd, "niet op de hoogte was van het feit dat er een zitting gepland stond" (verweerschrift in appel onder 6). In het verweerschrift in appel onder 15 wordt geconcludeerd:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ef080fe11e99e6bbee1d4d22cd6b18261bd490e460a4a27622dab670907f3c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ef080fe11e99e6bbee1d4d22cd6b18261bd490e460a4a27622dab670907f3c9, en de alinea staat in dat document op bytes 22549 tot 23264.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9ef080fe11e99e6bbee1d4d22cd6b18261bd490e460a4a27622dab670907f3c9 | shasum -a 256