Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 april 2010

Alinea 116 Parket bij de Hoge Raad 20 april 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 april 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL6765.

7. De verdachten hebben uitlatingen gedaan die moeilijk anders kunnen worden uitgelegd dan in die zin dat zij de bedoeling hadden [slachtoffer] te vermoorden. Het Hof heeft deze verklaringen voor het bewijs gebruikt. Zie de verklaring van aangever [slachtoffer] (bewijsmiddel 1) waaruit naar voren komt dat verdachte hem gezegd heeft dat hij hen zou vermoorden. Voorts de verklaring van de getuige [betrokkene 1] (bewijsmiddel 2) die onder meer inhoudt dat verdachte tegen [slachtoffer] zei: "Jij lacht nu, maar jij gaat straks zien wat er gebeurt. Ik ga je dood maken. " Ook [betrokkene 2] (bewijsmiddel 4) bevestigt dit door te verklaren dat verdachte tegen hem en aangever zei: " Ik schiet jullie dood. Ik krijg jullie nog wel." Het was niet zo maar een opwelling, omdat na bezoek aan het ziekenhuis onderweg in de auto volgens [betrokkene 7] (bewijsmiddel 12) het nog steeds aan de orde was: "In de auto heb ik ook gehoord dat men sprak over het feit om ze allemaal te pakken en af te maken". Ik wijs hierop omdat het voorwaardelijk opzet - waarvan het Hof lijkt te zijn uitgegaan, ik kom op dit punt hierna terug - vaak dienst doet als constructie om opzet te bewijzen. Het gaat dan om gevallen waarbij het opzet niet is af te leiden uit verklaringen van de verdachte. Dat ligt hier dus anders.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7afd2f57a7a6e9204addf70be9b979a4518c2345c549855928b87365deaeb6a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7afd2f57a7a6e9204addf70be9b979a4518c2345c549855928b87365deaeb6a, en de alinea staat in dat document op bytes 39046 tot 40359.