Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2010

Alinea 142 Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL8513.

3.45 Waar de Verordening blijkens het gestelde in de preambule onder 19 zich niet ertegen verzet dat de lidstaten emissies opnemen in de grondslag voor de berekening van voertuigbelastingen, kan naar mijn mening voorts niet worden aangenomen dat de Verordening "vrijwel tot een dode letter zou worden", reeds omdat ook andere (grote) lidstaten voertuigbelastingen naar uitstoot van fijnstof zouden kunnen differentiëren. Mogelijk staat het hof voor ogen dat zulke, door andere lidstaten te treffen maatregelen gelijke effecten zouden hebben als het hof (al dan niet terecht) aan de litigieuze maatregel heeft toegedacht, te weten het niet langer (rendabel) verkoopbaar zijn van auto's die wel aan de toelatingseisen maar nog niet aan de toekomstige emissienorm voldoen. Naar mijn mening klaagt het onderdeel eveneens terecht dat allerminst vaststaat dat door andere lidstaten te treffen maatregelen, als daarvan al sprake zal zijn, zulke effecten daadwerkelijk zouden hebben.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdd147e9968a58f7def3b46c94a026d4040633b16fac3cd617ee6735a0fdadd0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdd147e9968a58f7def3b46c94a026d4040633b16fac3cd617ee6735a0fdadd0, en de alinea staat in dat document op bytes 86138 tot 87128.