Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2010
Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL8549.
"3.3 (...) Uit de akte van 28 maart 1991 volgt dat tussen [eiseres] en [betrokkene 2] geen aparte onderhandse koopakte is opgesteld. Partijen ([eiseres], vertegenwoordigd door haar toenmalige directeur [betrokkene 1] en [betrokkene 2], echtgenote van [betrokkene 1]) zijn op 28 maart 1991 in persoon verschenen voor notaris mr. G. Feijen te 's-Gravenhage, waarbij een omschrijving van de verkochte onroerende zaak is verstrekt, welke omschrijving aldus is opgenomen in de leveringsakte. Van een discrepantie tussen de omschrijving van de koop enerzijds en de levering anderzijds kan derhalve niet kan worden gesproken, zodat hetgeen in de akte is omschreven in beginsel ook weergeeft hetgeen [eiseres] heeft verkocht en [betrokkene 2] heeft gekocht. De notariële akte levert bovendien op grond van art. 157 Rv naar haar aard tussen de desbetreffende partijen dwingend bewijs op van wat partijen (...) hebben verklaard te hebben ver- respectievelijk gekocht. De rechtbank neemt dat dan ook als uitgangspunt."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d43ee05282890300dcddff99ef1309d6efab1313662c0f16ca593763a50a1e46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d43ee05282890300dcddff99ef1309d6efab1313662c0f16ca593763a50a1e46, en de alinea staat in dat document op bytes 9738 tot 10760.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d43ee05282890300dcddff99ef1309d6efab1313662c0f16ca593763a50a1e46 | shasum -a 256