Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2010

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL8549.

2.7 De klacht onder (i) wordt nader toegelicht in de cassatiedagvaarding onder 3 en 4. Nadat de "door het hof toe te passen" objectieve uitlegregel voor leveringsakten is geciteerd(17), wordt - samengevat - geklaagd dat het hof heeft miskend dat in het kader van die objectieve uitleg van de tekst van de leveringsakte mede betekenis toekomt aan de uiterlijke staat van de daarin genoemde objecten. Het hof heeft, aldus de klacht, bij zijn uitleg van het begrip 'de daarbij behorende grond' geen althans onvoldoende gewicht gehecht aan de fysieke gesteldheid van de in de tekst van de akte genoemde objecten en is ten onrechte is afgegaan op de ('platte') tekst van de akte die volstaat met de verwijzing naar een nummer van een kadastraal perceel en een oppervlaktemaat. Daarbij wordt betoogd dat sinds 1937 de fysieke werkelijkheid is dat de 'daarbij behorende grond' zich slechts uitstrekt tot de tuinmuur.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d43ee05282890300dcddff99ef1309d6efab1313662c0f16ca593763a50a1e46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d43ee05282890300dcddff99ef1309d6efab1313662c0f16ca593763a50a1e46, en de alinea staat in dat document op bytes 20264 tot 21187.