Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010

Alinea 79 Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BM5712.

3.16 De woorden "in ieder geval" in de slotzin van rov. 3.16 van het eindvonis verwijzen naar het gebruiksrecht: dáárop zag de verdelingsafspraak in ieder geval, daargelaten de vraag of het ook zag op de auteursrechten. Dit blijkt ook uit rov. 3.17 van het eindvonnis en uit rov. 4.6 van het tussenvonnis, waarnaar de s.t. van Greenlir onder 4.4 verwijst. Tegen deze achtergrond is begrijpelijk dat de vonnissen van de rechtbank geen bepaling bevatten van de vraag aan wie ten behoeve van welk project zou kunnen worden verkocht en in die zin "ongeclausuleerd" zijn. Daarmee is echter niet gezegd dat de rechtbank meende dat de verdelingsafspraak gold voor verkoop aan wie dan ook ten behoeve van welk project dan ook. Evenmin is het tegendeel gezegd. De rechtbank heeft het punt m.i. in het midden gelaten. Dat [verweerder] in dit opzicht dan ook niet tegen de uitspraken is opgekomen, zegt dus niets over de thans te beantwoorden vraag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/54cf332142886349cde5ee5679da8ed4d7b46b92523a137a24fff01ace8aefe2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 54cf332142886349cde5ee5679da8ed4d7b46b92523a137a24fff01ace8aefe2, en de alinea staat in dat document op bytes 34243 tot 35197.