Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010
Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BM6076.
3.6. Daar [eiser] uitdrukkelijk had verklaard de vordering uitsluitend namens zichzelf te hebben ingesteld, kwam het Hof tot de conclusie dat hem een dergelijke vordering niet toekomt. Zijn standpunt dat de opvatting van de Rechtbank de onwenselijke consequentie met zich bracht dat artikel 61 Ow op onaanvaardbare wijze aan de kant wordt gezet en dat een onteigende partij als [eiser] in zijn wettelijke mogelijkheden wordt beknot, deelde het Hof niet:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fc2dcedd39793b4f8d73a994421500949dbeeae1a13aff0fdf55873342eb321. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fc2dcedd39793b4f8d73a994421500949dbeeae1a13aff0fdf55873342eb321, en de alinea staat in dat document op bytes 11372 tot 11838.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3fc2dcedd39793b4f8d73a994421500949dbeeae1a13aff0fdf55873342eb321 | shasum -a 256