Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BM6076.
4.2.2. Volgens het tweede onderdeel van het middel moet er vanuit worden gegaan dat door het onherroepelijk worden van het vonnis tot definitieve vaststelling van de schadeloosstelling de onverdeelde gemeenschappen c.q. het vorderingsrecht als bedoeld in artikel 61 Ow zijn verdeeld en dat derhalve aan [eiser] als enige en laatste bewoner van het onteigende een eigen vorderingsrecht toekomt. 's Hofs oordeel dat een eventueel vorderingsrecht door de betaling van de schadeloosstelling niet is verdeeld geeft blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Volgens [eiser] mist artikel 3:171 BW(15) hier toepassing.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fc2dcedd39793b4f8d73a994421500949dbeeae1a13aff0fdf55873342eb321. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fc2dcedd39793b4f8d73a994421500949dbeeae1a13aff0fdf55873342eb321, en de alinea staat in dat document op bytes 15075 tot 15696.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3fc2dcedd39793b4f8d73a994421500949dbeeae1a13aff0fdf55873342eb321 | shasum -a 256