Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010

Alinea 58 Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BM6076.

5.1.7. Aangezien artikel 61 Ow, als hiervóór aangegeven, beoogt de (onnodige of ontijdige) onteigening terug te draaien, en daarmee teruggrijpt naar de 'status quo' op het tijdstip van de onteigening, brengt de omstandigheid dat de onroerende zaak ten tijde van de onteigening in gezamenlijk mede-eigendom van verschillende personen was, met zich dat ook voor de toepassing van artikel 61 Ow de 'onteigende partij' de mede-eigenaren tezamen zijn en dat een actie tot terugvordering van het onteigende op grond van artikel 61 Ow derhalve uitsluitend toekomt aan de mede-eigenaren tezamen (de gemeenschap, vgl. artikel 3:166 BW). Met andere woorden: een mede-eigenaar kan de zaak niet voor zichzelf opeisen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fc2dcedd39793b4f8d73a994421500949dbeeae1a13aff0fdf55873342eb321. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fc2dcedd39793b4f8d73a994421500949dbeeae1a13aff0fdf55873342eb321, en de alinea staat in dat document op bytes 21524 tot 22244.