Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 december 2010
Alinea 75 Parket bij de Hoge Raad 24 december 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 december 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BM9252.
In r.o. 3.3 bevestigt het rechtscollege dat art. 3.91, lid 1, sub c, Wet IB 2001 uitsluitend is bedoeld als voorbeeld en geen uitbreiding van de heffingsgrondslag vormt. Hiermee onderschrijft de Hoge Raad de uitkomst van de ambtelijke (Kamerstukken II 2005/2006, 30 375, nr. 2, p. 26-27) en wetenschappelijke evaluatie (Boer en Freudenthal, Resultaat uit overige werkzaamheden (exclusief terbeschikkingstellingsregelingen), p. 414, 'Vijf jaar Wet IB 2001', Kluwer 2006) van art. 3.91, lid 1, sub c, Wet IB 2001. Hopelijk is de onduidelijkheid die deze 'verduidelijkende bepaling' heeft opgeroepen, nu eindelijk de (fiscale) wereld uit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc4cde219e1882fe4b53b4b4ebdebedb48b5dd2a64ebf12581501377a2f920c2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc4cde219e1882fe4b53b4b4ebdebedb48b5dd2a64ebf12581501377a2f920c2, en de alinea staat in dat document op bytes 27396 tot 28044.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc4cde219e1882fe4b53b4b4ebdebedb48b5dd2a64ebf12581501377a2f920c2 | shasum -a 256