Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 november 2010

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 26 november 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 november 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BN8521.

2.7. Het meergenoemde arrest van 25 april 2008 noemt een onjuiste feitelijke of onjuiste juridische grondslag als de grond om terug te komen op een eerdere eindbeslissing. De vakliteratuur is in dit opzicht genereuzer: "Een goede procesorde is niet ermee gediend dat de rechter zich op basis van een nog onvoldragen debat prematuur vastlegt, of gebonden blijft aan zijn eerder uitgesproken oordeel hoewel hij op grond van nieuwe feiten, nieuwe stellingen of nieuw verworven inzicht tot de conclusie komt dat dit oordeel niet juist was(12). Inspiratiebron voor deze ruime opvatting lijkt te zijn geweest een aanbeveling uit het rapport Uitgebalanceerd, luidende: "De rechter behoort ruime mogelijkheden te hebben om op eindbeslissingen in de lopende instantie terug te komen als hij van opvatting verandert."(13) Indien gewijzigd inzicht van de rechter wordt aanvaard als grond om terug te komen van de eerder gegeven eindbeslissing, ook zonder dat sprake is van nieuwe feiten of nieuwe informatie, kan de thans in cassatie bestreden beslissing in stand blijven. De voor- en nadelen van een ruime opvatting zijn in de aangehaalde vakliteratuur uiteengezet en behoeven hier geen herhaling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/459aeb435a8f41f6bbd43ebb17b1a8d5c84be2cf0349832106a50095a17ee8f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 459aeb435a8f41f6bbd43ebb17b1a8d5c84be2cf0349832106a50095a17ee8f5, en de alinea staat in dat document op bytes 19425 tot 20626.