Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 november 2010
Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 26 november 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 november 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BN8521.
In de parlementaire geschiedenis van deze bepaling(14) is de vraag gesteld in hoeverre de jurisprudentie over de bevoegdheid om terug te komen op een beslissing in een tussenuitspraak ook van toepassing is op dit nieuwe artikel. De regering antwoordde dat in art. 1019cc lid 1 Rv is aangeknoopt bij de leer van de bindende eindbeslissing in een tussenvonnis. Dit betekent dat van een oordeel over het deelgeschil dat uitdrukkelijk en zonder voorbehoud is geformuleerd, alleen kan worden teruggekomen door de bodemrechter in eerste aanleg indien er inmiddels nadere gegevens voorhanden zijn waaruit blijkt dat de beslissing berust op een onjuiste juridische of feitelijke grondslag. De regering verwees daarbij naar het arrest van 25 april 2008(15). Hieruit maak ik op dat de ruime opvatting, inhoudend dat de rechter ook zonder nieuwe feiten of nieuwe informatie op grond van zijn gewijzigd inzicht mag terugkomen op een eerder gegeven eindbeslissing, gevolgen kan hebben voor de toepassing van art. 1019cc lid 1 Rv. Het is mede om die reden, dat ik de Hoge Raad adviseer hier een streep te trekken en onderdeel 1 onder b gegrond te achten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/459aeb435a8f41f6bbd43ebb17b1a8d5c84be2cf0349832106a50095a17ee8f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 459aeb435a8f41f6bbd43ebb17b1a8d5c84be2cf0349832106a50095a17ee8f5, en de alinea staat in dat document op bytes 21366 tot 22519.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/459aeb435a8f41f6bbd43ebb17b1a8d5c84be2cf0349832106a50095a17ee8f5 | shasum -a 256