Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010

Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BO1821.

4.5. Of een detentie en het daaruit voorvloeiende werkverzuim van een werknemer voldoende zijn voor een ontslag op staande voet hangt af van bijkomende omstandigheden, zoals de vraag of de werknemer een verwijt valt te maken dat hij gedetineerd is geraakt en, bijvoorbeeld, of hij de werkgever van zijn detentie (zo spoedig als mogelijk en noodzakelijk was) in kennis heeft gesteld. In haar primaire stelling volgt het hof ABN AMRO dus niet. Opgemerkt moet hierbij overigens worden dat ABN AMRO de enkele detentie van [verweerder] kennelijk zelf ook niet voldoende heeft geacht voor zijn ontslag op staande voet. Zij heeft het ontslag aan [verweerder] immers niet aangezegd op het moment dat (of kort nadat zij) van de detentie van [verweerder] op de hoogte is gekomen. Van belang is ook te vermelden dat ABN AMRO kennelijk ook geen reden voor een ontslag op staande voet heeft gevonden in het feit dat [verweerder] ABN AMRO niet rechtstreeks, maar via de bedrijfsarts, en eerst op 6 april 2006 van zijn voorlopige hechtenis in kennis heeft gesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d1363ff4915c44bc2be791c9b0dadb4e9dd6225e7d532beb9e21936859166bca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d1363ff4915c44bc2be791c9b0dadb4e9dd6225e7d532beb9e21936859166bca, en de alinea staat in dat document op bytes 12053 tot 13115.