Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010
Alinea 54 Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BO1821.
2.10 Het onderdeel mist feitelijke grondslag waar het betoogt dat het hof heeft miskend dat de door ABN AMRO aangevoerde (wezenlijke) argumenten (evenzeer) een (belangrijke) rol spelen bij de beantwoording van de vraag of sprake is van de situatie dat van de werkgever redelijkerwijs niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren, en dat het hof aldus van een onjuiste rechtsopvatting is uitgegaan. Het hof heeft de betreffende argumenten immers in de rov. 4.8 en 4.9 in zijn oordeel betrokken. Dat oordeel berust op een aan de rechter die over de feiten oordeelt voorbehouden waardering en weging van de omstandigheden van het geval, die ook zonder nadere motivering niet onbegrijpelijk is. Het onderdeel kan niet tot cassatie leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d1363ff4915c44bc2be791c9b0dadb4e9dd6225e7d532beb9e21936859166bca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d1363ff4915c44bc2be791c9b0dadb4e9dd6225e7d532beb9e21936859166bca, en de alinea staat in dat document op bytes 30907 tot 31676.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d1363ff4915c44bc2be791c9b0dadb4e9dd6225e7d532beb9e21936859166bca | shasum -a 256