Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010

Alinea 134 Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BO1979.

Dit is een gegeven dat, denk ik, inderdaad grond zou kunnen opleveren voor toerekening, aan TMF c.s., van de schijn dat zij zich dienovereenkomstig verplicht hadden, ook als dat in werkelijkheid niet zo zou zijn. Een dienstverlener zoals een trustmaatschappij die bemerkt dat zijn opdrachtgever jegens derden een bepaalde - verkeerde, en te "zware" - indruk geeft van de rol die de trustmaatschappij in de relatie tot die derden zal spelen, zal in het algemeen niet zwijgzaam kunnen blijven toezien, en loopt anders een aanmerkelijke kans aansprakelijk te zijn jegens derden die tot hun nadeel op de aldus met medeweten van de trustmaatschappij gewekte onjuiste indruk zijn afgegaan(43).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0d4f77137ca0d1b79103a2463dd748e9b7dd12f7dfd06b2d8fa280b2eb6d6e26. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0d4f77137ca0d1b79103a2463dd748e9b7dd12f7dfd06b2d8fa280b2eb6d6e26, en de alinea staat in dat document op bytes 61726 tot 62426.