Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2010
Alinea 346 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BO2966.
7.3.3 De stellers van het middel hebben aangevoerd dat het hof kennelijk geloofwaardig heeft geacht dat verdachte dacht dat het shagje dan wel de sigaret uit was toen hij deze wegschoot, terwijl daarmee niet te verenigen is 's hofs oordeel dat verdachte de aanmerkelijke kans op het ontstaan van de brand bewust heeft aanvaard.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc025eff6dd5e1d53c58ed13b676e12f4f5baff0433590ba36182c93601f1433. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc025eff6dd5e1d53c58ed13b676e12f4f5baff0433590ba36182c93601f1433, en de alinea staat in dat document op bytes 118048 tot 118389.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc025eff6dd5e1d53c58ed13b676e12f4f5baff0433590ba36182c93601f1433 | shasum -a 256