Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010
Alinea 291 Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BO3356.
3.43 De reden die Verzoekers wel hebben aangevoerd waarom dat de Curatoren niet meer als belanghebbenden zouden moeten gelden, is dat ze zich te laat met de procedure zouden zijn gaan bemoeien. Dat argument is gebaseerd op een onjuist uitgangspunt. De vraag of iemand belanghebbende is, staat los van de vraag of iemand verschenen is. Belangen blijken - in beginsel - uit iemands feitelijke positie, niet uit de proceshouding. Er moet immers aan de hand van de daarvoor geldende criteria) worden geoordeeld of iemand belanghebbende is. Ook niet verschenen personen kunnen bovendien als belanghebbende gelden. Hieruit volgt dat de beslissing van de Ondernemingskamer dat de Curatoren als belanghebbenden gelden niet getuigt van een onjuiste rechtsopvatting. Die beslissing kan, voor zover die feitelijk van aard is, niet in cassatie worden getoetst. Onbegrijpelijk is zij in ieder geval niet.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/54dbff2e45fc198a46fd3097faa15c617fd535d3fa7e5ef16222f0f5f69953af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 54dbff2e45fc198a46fd3097faa15c617fd535d3fa7e5ef16222f0f5f69953af, en de alinea staat in dat document op bytes 118956 tot 119860.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/54dbff2e45fc198a46fd3097faa15c617fd535d3fa7e5ef16222f0f5f69953af | shasum -a 256