Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 december 2010
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 10 december 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 december 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BO6879.
8. Daarnaast betwist [eiser] dat Hydra rechtsverkrijger van de onderhavige vorderingen van [eiser] op Forward en Chipshol is geworden, omdat het beslag op en de executie van de vorderingen nietig of ongeldig zouden zijn. Daartoe heeft [eiser] aangevoerd - kort gezegd - dat de het beslag en de executoriale veiling niet op de juiste wijze aan [eiser] zijn betekend zodat de desbetreffende exploten nietig zijn, dat Landinvest door in de gegeven omstandigheden over te gaan tot het leggen van beslag en tot executie misbruik van bevoegdheid heeft gemaakt, dat het beslag deels niet voor beslag vatbare toekomstige vorderingen betrof, en dat het beslag niet op de voet van art. 477bb Rv kon worden gelegd omdat het mogelijk was derdenbeslag te leggen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e76886bc9383d0f67e48212e9af46a45e10132e4893fa5d8565d9a4362cbce87. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e76886bc9383d0f67e48212e9af46a45e10132e4893fa5d8565d9a4362cbce87, en de alinea staat in dat document op bytes 13436 tot 14198.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e76886bc9383d0f67e48212e9af46a45e10132e4893fa5d8565d9a4362cbce87 | shasum -a 256