Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010
Alinea 82 Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 december 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BO7489.
"Indien een belastingplichtige zou menen - en ik doel dan met name op de situatie waarin te zijnen aanzien door de Inspecteur nadere voorwaarden zijn gesteld omdat niet voldaan is aan de "materiële fusie-eis" - dat de gestelde voorwaarden in strijd zijn met de richtlijnbepalingen, heeft hij de mogelijkheid dit in de beroepsfase ten overstaan van de belastingrechter kenbaar te maken. De belastingrechter kan vervolgens door middel van het stellen van een prejudiciële vraag de zaak aan het Europese Hof voorleggen. Indien de belastingplichtige van deze mogelijkheid geen gebruik maakt is het hem naar mijn mening, juist omdat reeds in de voorliggende situatie in een volledige rechtsgang is voorzien, niet toegestaan bij een latere gelegenheid tegenover de fiscale rechter de wijze van verwerken van de richtlijn te zijnen aanzien aan de orde te stellen. Het gaat hier dan ook niet om het laten verstrijken van termijnen, maar om een geval van rechtsverwerking, aangezien in het geheel geen gebruik is gemaakt van een geboden en deugdelijke rechtsgang."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea4e4e9f7112476076c4f0717e7476dc97890cd3b84101440f4d96d181ba400b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea4e4e9f7112476076c4f0717e7476dc97890cd3b84101440f4d96d181ba400b, en de alinea staat in dat document op bytes 38352 tot 39422.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea4e4e9f7112476076c4f0717e7476dc97890cd3b84101440f4d96d181ba400b | shasum -a 256