Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011

Alinea 110 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO0389.

In bovenstaande casus is het de vraag tot welk bedrag sprake is van een regresvordering. Rechtbank Den Haag heeft zich in de uitspraak van 28 februari 2008 op het standpunt gesteld dat belanghebbende, als één van de vijf hoofdelijk aansprakelijken, een regresvordering heeft op elk van de medeaansprakelijke personen van een vijfde van het door hem betaalde bedrag (nr. 06/5070, NTFR 2008/1163). Tot de medeaansprakelijken behoort de bv die de lening is aangegaan, alsmede de 70%-houdstervennootschap van deze bv. Belastingplichtige heeft een aanmerkelijk belang in deze houdstervennootschap. De andere aansprakelijken zijn geen verbonden personen. De regresvordering op hen kan daardoor niet onder de terbeschikkingstellingsregeling worden gebracht. Vanwege de financiële situatie van de bv die de lening is aangegaan wordt de desbetreffende vordering bij het ontstaan daarvan direct afgeboekt tot nihil. Over deze afwaardering bestaat in de onderhavige casus geen verschil van mening.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9dee686c76694ea136abf66cad769b8ad7e67965b4532beab17504bd50823b3b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9dee686c76694ea136abf66cad769b8ad7e67965b4532beab17504bd50823b3b, en de alinea staat in dat document op bytes 38192 tot 39194.