Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2011
Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO1584.
7. Voor het onderhavige geval betekent dit dat het hof het verzoek slechts kon afwijzen op de in art. 288, eerste lid, aanhef en onder c, Sv genoemde grond: redelijkerwijs valt aan te nemen dat door het afzien van de oproeping van de runners en informanten als getuigen verzoeker niet in zijn verdediging wordt geschaad. Uit 's hofs hiervoor weergegeven beslissing op dat verzoek en de daaraan ten grondslag gelegde motivering kan niet (zonder meer) volgen dat het hof de hier van toepassing zijnde maatstaf van het verdedigingsbelang heeft toegepast. Weliswaar merkt het hof even op dat de verdediging niet in haar belangen is geschaad door het niet horen van de bedoelde personen(4), nu de CIE-getuige [getuige 1] door de rechter-commissaris over de informanten is gehoord(5), maar in zijn vervolgoverwegingen laat het hof er geen misverstand over bestaan dat het (ten onrechte) heeft getoetst aan het noodzakelijkheidscriterium. Het hof overweegt immers dat het alsnog horen van runners en informanten alleen dient plaats te vinden indien de noodzaak daartoe aannemelijk is geworden en dat de raadsman die noodzakelijkheid niet nader heeft onderbouwd of aannemelijk gemaakt. Aldus heeft het hof de verkeerde maatstaf aangelegd en is het middel terecht voorgesteld.(6)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/897face04250e0f5bd226018ca34b42eec66cb1f53757c71032508a0d601232f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 897face04250e0f5bd226018ca34b42eec66cb1f53757c71032508a0d601232f, en de alinea staat in dat document op bytes 9408 tot 10691.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/897face04250e0f5bd226018ca34b42eec66cb1f53757c71032508a0d601232f | shasum -a 256