Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2011

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO1587.

15. Uit de "travaux préparatoires" voor het Vluchtelingenverdrag spreekt een zelfde opvatting. Aan de formulering van art. 31, eerste lid, Vluchtelingenverdrag is in 1951 veel discussie voorafgegaan. Het vereiste dat een vluchteling "directly" komt uit een land waar zijn leven of vrijheid was bedreigd, werd ingevoegd omdat Frankrijk bevreesd was voor een grote instroom van vluchtelingen uit de haar omringende landen terwijl die vluchtelingen in die landen reeds een veilig heenkomen hadden gevonden. Als die mensen vervolgens de grens overkwamen "without their lives being in danger", zou Frankrijk het principieel onjuist vinden om hun illegale entree met art. 31 als het ware te moeten legaliseren. Daarbij speelde ook een rol dat Frankrijk vond dat die omringende landen zelf hun verantwoordelijkheden moeten nemen in plaats van die op een volgend land af te wentelen en dat het voorts niet moet gaan om een vluchteling aan wie in dat andere land geen asiel is verleend.(8) Uit die - alhier kort samengevatte - verhandelingen volgt dat men met de invoeging van "directly" niet het oog had op de komst van vluchtelingen via doorreislanden, maar op landen waar een vluchteling reeds veilig verbleef.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23d587eaa73a094fd1331eac6cc7345bcb75b3ba8802679a7ba41dad1f2485d2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23d587eaa73a094fd1331eac6cc7345bcb75b3ba8802679a7ba41dad1f2485d2, en de alinea staat in dat document op bytes 14839 tot 16057.