Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2011

Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO2915.

3.4. Het oordeel van het hof komt erop neer dat het OM alleen ontvankelijk is in de strafvervolging voor het misdrijf van artikel 231 Sr als het evident is dat de vreemdeling zich niet op artikel 31 Vluchtelingenverdrag kan beroepen. De steller van het middel daarentegen verdedigt de opvatting dat het OM altijd in de strafvervolging ontvankelijk is, tenzij duidelijk is dat de vreemdeling zich wel op artikel 31 Vluchtelingenverdrag kan beroepen. Als de vluchtelingenstatus van de vreemdeling niet duidelijk is gunt het hof het voordeel van de twijfel aan de vreemdeling, in tegenstelling tot de steller van het middel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c8c270cb65405e5e6212b8776d9d6ccb332ab776e645d03cfc334bab26f98237. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c8c270cb65405e5e6212b8776d9d6ccb332ab776e645d03cfc334bab26f98237, en de alinea staat in dat document op bytes 9446 tot 10080.