Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO3521.

Indien [eiser] c.s. niet in dit bewijs slagen, dient hun vordering afgewezen te worden. Indien zij wel in bewijslevering slagen, is het subsidiaire verweer van [verweerder 1], te weten het beroep op art. 3:86 BW van belang, in welk verband hij aanvoert dat het schilderij anders dan om niet op 1 oktober 2002 aan hem is overgedragen en dat hij ten tijde van de overdracht te goeder trouw was ten aanzien van de beschikkingsbevoegdheid van [betrokkene 2]. (rov. 4.7.3 en 4.8.1)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c290a03642b1d18bb1957d5a0b2f5732cecf89060286b3ce6133356e98db897c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c290a03642b1d18bb1957d5a0b2f5732cecf89060286b3ce6133356e98db897c, en de alinea staat in dat document op bytes 13830 tot 14319.