Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011
Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO3521.
Bedacht moet evenwel worden dat bij deze constructies, die verklaren dat de op eigen naam handelende lasthebber de eigendomsovergang van een aan zijn opdrachtgever toebehorende roerende zaak (niet-registergoed) kan bewerkstelligen, ervan wordt uitgegaan dat de lasthebber bij de uitvoering van zijn opdracht binnen de grenzen van zijn opdracht handelt. Wat de grenzen van die opdracht zijn, wordt bepaald door de overeenkomst die de lastgever met de lasthebber heeft gesloten. Daarbij komt het aan op de uitleg van deze overeenkomst. Bij overschrijding van de grenzen van de opdracht, kan geen sprake van beschikkingsbevoegheid zijn. Gaat men uit van de constructie van de voorwaardelijke levering, dan moet men concluderen dat de voorwaarde niet in vervulling is gegaan. Gaat men uit van de constructie dat de opdracht aan de tussenpersoon de bevoegdheid impliceert van de tussenpersoon om ten laste van (voor rekening van) de opdrachtgever maar in eigen naam de zaak over te dragen, dan moet men concluderen dat deze bevoegdheid niet verder gaat dan waarvoor zij is verleend. De wederpartij van de lasthebber wordt in geval van goede trouw door art. 3:86 BW tegen beschikkingsonbevoegdheid van de lasthebber beschermd mits de overdracht is geschiedt krachtens geldige titel en anders dan om niet.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c290a03642b1d18bb1957d5a0b2f5732cecf89060286b3ce6133356e98db897c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c290a03642b1d18bb1957d5a0b2f5732cecf89060286b3ce6133356e98db897c, en de alinea staat in dat document op bytes 30199 tot 31511.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c290a03642b1d18bb1957d5a0b2f5732cecf89060286b3ce6133356e98db897c | shasum -a 256