Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011

Alinea 92 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO3521.

De middelonderdelen 4a en 4b klagen dat het hof bij zijn oordeel had moeten betrekken de omstandigheid dat de vordering van [verweerder 1] op [betrokkene 2] ten belope van € 181.500,- waarmee de koopsom ter zake van de zeven door [betrokkene 2] aan [verweerder 1] geleverde schilderijen is verreffend, zoals in de schriftelijke overeenkomst wordt vermeld, in het geheel niet bestond. Nu het hof deze omstandigheid geheel buiten beschouwing heeft gelaten, is 's hofs eindarrest niet naar de eis der wet met redenen omkleed, aldus deze middelonderdelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c290a03642b1d18bb1957d5a0b2f5732cecf89060286b3ce6133356e98db897c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c290a03642b1d18bb1957d5a0b2f5732cecf89060286b3ce6133356e98db897c, en de alinea staat in dat document op bytes 54773 tot 55340.