Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011

Alinea 95 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO3521.

28. De klacht faalt. Het hof heeft in rov. 8.6 van zijn eindarrest waarin het motiveert waarom [eiser] c.s. niet erin zijn geslaagd te bewijzen dat de overeenkomst geantedateerd was, overwogen dat het in de verklaring van de curator geen overtuigend bewijs in het voordeel van [eiser] c.s. leest. Integendeel, aldus het hof, nu deze getuige desgevraagd verklaart dat [betrokkene 2] hem wel heeft gezegd dat hij de overeenkomst van 1 oktober 2002 onder druk heeft gesloten, dat [betrokkene 2] hem niet heeft gezegd dat wat in die overeenkomst staat vermeld onjuist is en dat [betrokkene 2] hem heeft gezegd dat hij op de wijze als in het stuk vermeld, [verweerder 1] een compensatie beoogde aan te bieden. 's Hofs oordeel acht ik niet onbegrijpelijk. Ook niet in het licht van de door het middelonderdeel bedoelde passage uit de getuigenverklaring van de curator, nu de curator voorts verklaart dat [betrokkene 2] hem twee brieven heeft gegeven waaruit zou blijken dat hij een en ander aan [verweerder 1] heeft opgebiecht, en het daarbij gaat niet alleen om de fax van [betrokkene 2] van 20 november 2002 maar tevens om de brief van 23 augustus 2002 waarin [betrokkene 2] [verweerder 1] nog voorhoudt dat hij [C] aan [betrokkene 5] verkocht heeft en beweert dat hij de door [betrokkene 5] betaalde koopsom ergens anders voor gebruikt heeft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c290a03642b1d18bb1957d5a0b2f5732cecf89060286b3ce6133356e98db897c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c290a03642b1d18bb1957d5a0b2f5732cecf89060286b3ce6133356e98db897c, en de alinea staat in dat document op bytes 56678 tot 58030.