Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 januari 2011
Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 4 januari 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO3975.
7. De bewezenverklaring van het medeplegen van het opiumdelict vereist dat uit de bewijsmiddelen volgt dat tussen verdachte en zijn mededader een nauwe en bewuste samenwerking heeft bestaan, die was gericht op het aanwezig hebben van hennepplanten. Ook voor de bewezenverklaring van diefstal tezamen en in vereniging met een ander is vereist dat uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid dat verdachte en die ander gezamenlijk en met een gezamenlijk opzet de electriciteit hebben ontvreemd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5277709954645c9f467ece2fd34279c44b7d4989e6ff9b63bddd1cb2e5839590. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5277709954645c9f467ece2fd34279c44b7d4989e6ff9b63bddd1cb2e5839590, en de alinea staat in dat document op bytes 12950 tot 13453.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5277709954645c9f467ece2fd34279c44b7d4989e6ff9b63bddd1cb2e5839590 | shasum -a 256