Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 januari 2011
Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 4 januari 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO3975.
9. Mijns inziens kan deze bewijsconstructie niet zonder meer het oordeel dragen, dat verdachte als medepleger van het onder 3 bewezenverklaarde opiumdelict en de onder 4 bewezenverklaarde diefstal moet worden aangemerkt. De enkele, uit de bewijsmiddelen volgende, omstandigheden dat verdachte officieel de huurder was van een woning waarin een hennepkwekerij is aangetroffen en dat hij het contract met het energiebedrijf heeft gesloten, zijn onvoldoende om een zo bewuste en nauwe samenwerking tussen verdachte en een ander te kunnen aannemen, dat er sprake is van medeplegen van het opiumdelict en van diefstal door twee personen.(2)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5277709954645c9f467ece2fd34279c44b7d4989e6ff9b63bddd1cb2e5839590. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5277709954645c9f467ece2fd34279c44b7d4989e6ff9b63bddd1cb2e5839590, en de alinea staat in dat document op bytes 14078 tot 14726.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5277709954645c9f467ece2fd34279c44b7d4989e6ff9b63bddd1cb2e5839590 | shasum -a 256