Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2011

Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO4019.

12. Uit het vorenstaande blijkt dat de verjaringstermijn van het onderhavige feit twaalf jaren bedraagt. De verjaringstermijn is begonnen te lopen op 30 mei 1993 en aldus is het onderhavige feit op 30 mei 2005 verjaard. De verjaringstermijn zou twintig jaren bedragen indien van de hedendaagse opvattingen over rechtstreekse werking van verandering van verjaringsregelingen zou zijn uitgegaan; in dat geval zou het onderhavige feit eerst op 30 mei 2013 zijn verjaard. Deze hedendaagse opvattingen ten spijt, het is nu eenmaal zo dat de Wet van 19 januari 1989 (Stb. 1989, 7) het met terugwerkende kracht verhogen van de verjaringstermijn van twaalf naar vijftien jaren door middel van een overgangsbepaling verbiedt. Aldus was het feit 1 op 5 april 2007, de datum waarop de eerste daad van vervolging werd verricht, reeds verjaard en had het Hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dienen te verklaren in de vervolging hiervan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a48e293b074abdb1bf766876abff037c676128b35a8e47a2b8e90320d64668eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a48e293b074abdb1bf766876abff037c676128b35a8e47a2b8e90320d64668eb, en de alinea staat in dat document op bytes 18977 tot 19924.