Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2011
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO4022.
14. Vooropgesteld kan worden dat woede als door verdachte geuit in de richting van een bekende politicus die uit de aard van zijn werk vaak in het openbaar optreedt en een gemakkelijk doelwit is voor een kwaadwillende persoon, een serieus te nemen probleem is. Maar dat gegeven alleen kan niet leidend zijn voor de toetsing aan de eisen die aan bedreiging met zware mishandeling, zoals thans in de wet omschreven, worden gesteld.(3) Het oordeel van het hof dat door het handelen van verdachte bij Bos de redelijke vrees kon ontstaan voor zware mishandeling, acht ik niet zonder meer begrijpelijk. Onmiskenbaar is aan Osama (Bin Laden) een gewelddadige connotatie verbonden, maar de referentie van verdachte als beller dat hij een broer van hem zou zijn, doet onder de omstandigheden van de onderhavige zaak, meen ik, eerder afbreuk aan het realiteitskarakter van de aankondiging dat Bos bij uitblijven van een reactie zijnerzijds iets aangedaan zal worden, dan dat het in combinatie daarmee een dreiging tot zware mishandeling volledig maakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff25e0da916472d2891779f5b23ca00e1b8d2364846f25e242bf51ad7ee41f8a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff25e0da916472d2891779f5b23ca00e1b8d2364846f25e242bf51ad7ee41f8a, en de alinea staat in dat document op bytes 16168 tot 17224.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ff25e0da916472d2891779f5b23ca00e1b8d2364846f25e242bf51ad7ee41f8a | shasum -a 256