Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2011

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO4936.

2.6 Hetzelfde geldt voor de klacht in subonderdeel 3.3. In dat subonderdeel wordt uitgegaan van een verrijking die aan de waardevermeerdering van de gerestaureerde auto's is gerelateerd, en van een vordering uit ongerechtvaardigde verrijking van [A] op [betrokkene 1] die tegen [verweerster] als erfgename van [betrokkene 1] geldend kan worden gemaakt. Zoals hiervoor in 2.3 uiteengezet, is de reconventionele vordering die [eiser] jegens [verweerster] geldend poogt te maken, niet aldus op te vatten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc0f08d37e3590cfdec5304a39b5702cece24d4fb28ba540e848df2b9e4c45b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc0f08d37e3590cfdec5304a39b5702cece24d4fb28ba540e848df2b9e4c45b9, en de alinea staat in dat document op bytes 15528 tot 16043.