Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2011

Alinea 169 Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO5290.

1.36 Bij arrest van 2 maart 2010 heeft het hof het vonnis van de voorzieningenrechter bekrachtigd, behoudens de formulering van het daarin (onder 5.1) uitgesproken gebod en de daaraan (onder 5.2) verbonden dwangsom en, in zoverre opnieuw rechtdoende, Essent, Essent Nederland en ERH geboden - totdat bij gewijsde in de bodemprocedure zal zijn beslist - zich met onmiddellijke ingang te onthouden (i) van (medewerking aan) handelingen waarvan het gevolg is de implementatie van de patijen bekende EPZ-structuur, alsmede (ii) van (medewerking aan) andere handelingen die het voorzienbare gevolg hebben dat ERH, althans de aandeelhouder die de thans door ERH gehouden aandelen in EPZ houdt, niet (meer) aan de in art. 4.4 van haar statuten verwoorde kwaliteitseis voldoet, een en ander onder bepaling dat Essent, Essent Nederland en ERH, na betekening van het arrest, bij overtreding van dit gebod een dwangsom zullen verbeuren van € 500.000.000,-.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec618a49cf03a0357baca542f82bc10380ae8ac1c5199501b962b177a1a13a1f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec618a49cf03a0357baca542f82bc10380ae8ac1c5199501b962b177a1a13a1f, en de alinea staat in dat document op bytes 46460 tot 47420.