Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2011
Alinea 182 Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO5290.
2.8 Evenmin kan ik Delta c.s. volgen in het betoog dat Essent c.s. belang bij hun cassatieberoep zouden missen, omdat (niet de kwaliteitseis, maar juist) de zogenaamde (en voorshands door de in kort geding getroffen voorziening geblokkeerde) EPZ-constructie met Unierecht (en meer in het bijzonder met de in de hierna nog te bespreken "gouden aandelen"-rechtspraak ontwikkelde regels) in strijd zou zijn. Delta c.s. hebben niet mede aan hun vordering ten grondslag gelegd dat zij met de gevraagde voorziening een inbreuk door Essent c.s. op het Unierecht (wat daarvan overigens zij) willen voorkomen. Zij hadden dat ook moeilijk aan hun vordering ten grondslag kunnen leggen, omdat in de gegeven feitelijke constellatie de beweerdelijk geschonden regels niet mede strekken tot bescherming van hun belangen, maar (vooral) tot bescherming van het belang van Rewe om met zo weinig mogelijk beperkingen de aandelen van Essent te kunnen verwerven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec618a49cf03a0357baca542f82bc10380ae8ac1c5199501b962b177a1a13a1f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec618a49cf03a0357baca542f82bc10380ae8ac1c5199501b962b177a1a13a1f, en de alinea staat in dat document op bytes 61342 tot 62298.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ec618a49cf03a0357baca542f82bc10380ae8ac1c5199501b962b177a1a13a1f | shasum -a 256