Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2011
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO5822.
[Eiser] c.s. hadden zich ook op de rechtsgeldigheid van de buitengerechtelijke verklaring tot vernietiging kunnen beroepen indien voorafgaande aan de verbindendverklaring van de WCAM-overeenkomst de rechtsgeldigheid van de buitengerechtelijke verklaring tot vernietiging van de effectenlease-overeenkomst in een tussen partijen met kracht van gewijsde gewezen vonnis was komen vast te staan of indien omtrent die rechtsgeldigheid buiten rechte door Dexia en [eiser] c.s. een minnelijke regeling zou zijn getroffen. In zodanig geval, dat zich in casu niet voordoet, zou immers tussen partijen geen onzekerheid ter zake van de rechtsgeldigheid van de buitengerechtelijke verklaring hebben bestaan. [Eiser] c.s. zouden dan overigens ook niet aangemerkt kunnen worden als gerechtigden in de zin van art. 2 van de WCAM-overeenkomst (zie art. 2.2 onder e en f), zodat zij ook op die grond niet aan de WCAM-overeenkomst gebonden zouden zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e2e766f73d1c82f52c916cc73cc345a680b415be6adb368d2e5ed983cac942b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e2e766f73d1c82f52c916cc73cc345a680b415be6adb368d2e5ed983cac942b, en de alinea staat in dat document op bytes 20786 tot 21733.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e2e766f73d1c82f52c916cc73cc345a680b415be6adb368d2e5ed983cac942b | shasum -a 256