Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2011
Alinea 102 Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO5996.
6.4 Voldoet belanghebbende aan de eerste bewijsmogelijkheid? Naar mijn mening heeft hij de dwangsommen niet in een andere hoedanigheid dan die van werknemer getoucheerd. Weliswaar ontstaat door het vonnis van de rechtbank naast de dienstbetrekking een tweede rechtsverhouding met de werkgever (een crediteur - debiteurrelatie), maar die is mijns inziens niet gegrond in een overeenkomst naast de arbeidsovereenkomst. De rechtsverhouding van de dwangsom heeft een accessoir karakter, zij is een annex van de hoofdveroordeling door de rechter van de werkgever om de pensioenvoorziening te betalen. Om in de eerste bewijsmogelijkheid te kunnen slagen is in mijn ogen vereist dat naast de arbeidsovereenkomst nog een overeenkomst tussen werkgever en werknemer bestaat. Aan dit vereiste is in casu niet voldaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b87859cd82b3e7e12d1cea351a481fdaf4cfd89895b84513d5588e4936ed8f7f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b87859cd82b3e7e12d1cea351a481fdaf4cfd89895b84513d5588e4936ed8f7f, en de alinea staat in dat document op bytes 44811 tot 45630.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b87859cd82b3e7e12d1cea351a481fdaf4cfd89895b84513d5588e4936ed8f7f | shasum -a 256