Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2011
Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO6365.
3.4. De gedachtegang van het hof is geweest dat binnen een minuut nadat er geschoten is, gebeld wordt naar het telefoonnummer van [betrokkene 5] en dat [betrokkene 5] daarin te horen krijgt dat zijn broer [betrokkene 2] was doodgeschoten of aangeschoten. Dit telefoongesprek is afgewikkeld door twee basisstations die zich in de onmiddellijke nabijheid van de plaats delict bevinden. Uit deze afwikkeling en de inhoud van het telefoongesprek heeft het hof kunnen afleiden dat degene die dat telefoongesprek voerde zich op de plaats van het delict moet hebben bevonden. Ten overvloede wijs ik er nog op dat de mogelijkheid dat het gesprek zou zijn gevoerd vanuit een ander celbereik nauwelijks te verenigen is met de uit de inhoud van het gesprek volgende bekendheid van de beller met de schietpartij die juist daarvoor plaatsvond en dat deze mogelijkheid in feitelijke instantie niet is aangevoerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd30c7187aca97c42fa726e74a00c0aa67f5d7af7ba5ba518a7d1d97ab7ab08a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd30c7187aca97c42fa726e74a00c0aa67f5d7af7ba5ba518a7d1d97ab7ab08a, en de alinea staat in dat document op bytes 9792 tot 10703.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bd30c7187aca97c42fa726e74a00c0aa67f5d7af7ba5ba518a7d1d97ab7ab08a | shasum -a 256