Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2011

Alinea 9 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO6365.

3.1. Het eerste middel verwijt het hof een logische denkfout te hebben gemaakt door aan te nemen dat een telefoongesprek dat via de basisstations [002] wordt afgewikkeld moet zijn gevoerd door iemand die zich bevindt op de plaats van het delict. De steller van het middel wijst er voorts op dat een gsm-mast een bepaald bereik heeft, maar dat wil niet zeggen dat alle telefoongesprekken die via deze mast worden afgewikkeld ook binnen het bereik van die mast worden gevoerd. Het kan zijn dat een andere mast die gewoonlijk het telefoongesprek zal afwikkelen overbelast is en het gesprek doorschakelt naar een aanpalende mast. Dat wil zeggen dat niet zomaar de conclusie kan worden getrokken dat een gsm die betrokken is bij het telefoongesprek dat wordt afgewikkeld door een bepaalde mast zich ook fysiek binnen het bereik van de mast bevindt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd30c7187aca97c42fa726e74a00c0aa67f5d7af7ba5ba518a7d1d97ab7ab08a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd30c7187aca97c42fa726e74a00c0aa67f5d7af7ba5ba518a7d1d97ab7ab08a, en de alinea staat in dat document op bytes 5740 tot 6596.