Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2011

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO6704.

4.3 Een raadsman die bevindt dat de processtukken niet volledig zijn, moet binnen de in art. 437, tweede lid, Sv genoemde termijn schriftelijk een verzoek om aanvulling indienen bij de rolraadsheer (vgl. HR 15 juni 2004, LJN AO8819, NJ 2004/465 en - thans ook - art. IV lid 3 van het Procesreglement van de Strafkamer van de Hoge Raad 2008, Stcrt. 147). In het onderhavige geval is niet gebleken dat de raadsman een dergelijk verzoek heeft ingediend. De vraag is wat daarvan in dit geval de consequentie moet zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/421c61eb55c592ae9510f73d0a58d08bcb7f9ce9fc72cde559a3605dea2c9a4c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 421c61eb55c592ae9510f73d0a58d08bcb7f9ce9fc72cde559a3605dea2c9a4c, en de alinea staat in dat document op bytes 14115 tot 14642.