Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2011

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO7918.

Het Openbaar Minister had -mijns inziens- bij een redelijke en billijke afweging van belangen nooit tot vervolging van cliënt over moeten gaan, en de zaak tegen cliënt moeten seponeren. Cliënt is degene die voor [betrokkene 1] zorgde. Hij zorgde voor eten en onderdak. Zij zijn verliefd, verloofd en gaan trouwen. Cliënt is met [betrokkene 1] meegereisd naar Brussel en heeft haar treinkaartje betaald. De verdediging begrijpt dan ook niet waarom cliënt hiervoor vervolgd wordt, terwijl uit alles blijkt dat er nooit sprake is geweest van het smokkelen van [betrokkene 1].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/244cf59391e389ef74aa66e4eb1a83cc5bb8e718163beac8fdd879c5163bd181. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 244cf59391e389ef74aa66e4eb1a83cc5bb8e718163beac8fdd879c5163bd181, en de alinea staat in dat document op bytes 11196 tot 11786.