Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2011

Alinea 51 Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO9570.

4.2 Met onderdeel 1 komen [eiser] c.s. op tegen rov. 4.3.5-4.3.8. In het onderdeel wordt de stelling betrokken dat het hof met zijn beoordeling in strijd met het bepaalde in art. 24 Rv buiten de door partijen getrokken grenzen van de rechtsstrijd in hoger beroep is getreden, althans dat het hof ten onrechte de feitelijke grondslag van het verweer van Wegener c.s. heeft aangevuld. Daartoe wordt aangevoerd dat partijen in hoger beroep nog slechts twistten over de vraag of art. 27 WOR dan wel het bepaalde in art. 7:611 en 6:248 BW een deugdelijke grondslag bood voor de door Wegener c.s. doorgevoerde wijziging en tussen partijen vaststond dat hun contractuele relatie zo moest worden uitgelegd dat daarin geen eenzijdig wijzigingsbeding als bedoeld in art. 7:613 BW was opgenomen waarop Wegener c.s. zich konden beroepen. Wanneer partijen het eens zijn over de wijze waarop hun contractuele relatie moet worden geduid, staat het de rechter niet vrij om te kiezen voor een andere uitleg, zo vervolgt het onderdeel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9affdc07f266e2807de4ac42e0fbd510436cb6607e6f2d2e7bf4bcac0a776c9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9affdc07f266e2807de4ac42e0fbd510436cb6607e6f2d2e7bf4bcac0a776c9e, en de alinea staat in dat document op bytes 19108 tot 20138.