Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2011

Alinea 69 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO9838.

37. Gelet op het slot van de hiervoor aangehaalde rechtsoverweging 2.7.2 alsmede in aanmerking genomen dat verdachtes verklaring tegenover de politie voor het bewijs is gebezigd, hij die verklaring ter terechtzitting in eerste aanleg, toen hij werd bijgestaan door twee raadslieden niet heeft herhaald en hij zich in hoger beroep heeft beroepen op zijn zwijgrecht, heeft het Hof zijn oordeel, dat verdachtes verklaring tegenover de politie niettemin voor het bewijs kon worden gebezigd onvoldoende met redenen omkleed. Uit de overwegingen van het Hof blijkt immers niet van door de verdachte gedane afstand van het recht om een advocaat te raadplegen noch van de door het EHRM gereleveerde dwingende redenen als in het hiervoor aangehaalde arrest bedoeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2eeb836fb3f83f1c489f10ec3119e1869cd7b5e8ab7eecbab0a157fe5f6f4f7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2eeb836fb3f83f1c489f10ec3119e1869cd7b5e8ab7eecbab0a157fe5f6f4f7a, en de alinea staat in dat document op bytes 24022 tot 24790.