Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2011

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP0060.

9. Het Hof spreekt in zijn overweging onder K over "volstrekt ongeloofwaardige en deels tegenstrijdige verklaringen". Het bezigen van dergelijke verklaringen voor het bewijs strookt niet met het wettelijk bewijsstelsel "waarin ervan wordt uitgegaan dat een getuigenverklaring door de rechter slechts tot het bewijs kan worden gebezigd waneer deze naar zijn oordeel betrouwbaar en overeenkomstig de waarheid zijn". Dat geldt ook als de rechter de leugenachtigheid van de verklaring niet redengevend heeft geacht voor de bewezenverklaring. Wel kan zich dan de situatie voordoen dat het opnemen van de verklaring onder de bewijsmiddelen, hoewel onjuist, niet tot cassatie behoeft te leiden omdat dat aan de begrijpelijkheid en toereikendheid van de bewijsmotivering in haar geheel beschouwd geen afbreuk doet. Zie het eveneens in de toelichting op het middel genoemde HR 23 september 2008, LJN BD3902, NJ 2008, 525.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/11df52ead98373e88130d6f20151fae9764861f92d4b778fbafb6cd805b974d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 11df52ead98373e88130d6f20151fae9764861f92d4b778fbafb6cd805b974d7, en de alinea staat in dat document op bytes 17398 tot 18323.