Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2011

Alinea 145 Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP1413.

3.28 Het is niet uitgesloten dat het onder omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat een schuldenaar zich erop beroept dat de verjaringstermijn is voltooid(58). Ook het hof is daarvan klaarblijkelijk uitgegaan, nu het met zijn beschouwingen in rov. 3.12 heeft gerespondeerd op hetgeen [A] had aangevoerd ten betoge dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn dat de Staat zich op de voltooiing van de verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW beroept (zie in het bijzonder rov. 3.11, eerste volzin).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/691ca12eb2a2f249ce64f288e0109eb2694474f901b4f3f83e4c4e9f3644630c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 691ca12eb2a2f249ce64f288e0109eb2694474f901b4f3f83e4c4e9f3644630c, en de alinea staat in dat document op bytes 76773 tot 77364.