Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2011
Alinea 68 Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP1413.
Smeehuijzen(38) verdedigt met anderen(39) de opvatting dat de relatieve termijn ook in het geval van louter toekomstige schade gaat lopen als van de benadeelde redelijkerwijs kan worden verlangd dat hij zijn vordering instelt, waarbij mede een rol speelt dat men ook op grond van art. 6:105 BW vergoeding van toekomstige schade kan vorderen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/691ca12eb2a2f249ce64f288e0109eb2694474f901b4f3f83e4c4e9f3644630c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 691ca12eb2a2f249ce64f288e0109eb2694474f901b4f3f83e4c4e9f3644630c, en de alinea staat in dat document op bytes 34754 tot 35108.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/691ca12eb2a2f249ce64f288e0109eb2694474f901b4f3f83e4c4e9f3644630c | shasum -a 256