Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2011

Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP1765.

De rechtbank begrijpt de stellingen van verzoekers aldus dat de rechtbank zou moeten overgaan tot een onderzoek naar de juistheid van de door de Duitse rechter gegeven beslissing op het bevoegdheidsverweer, waartegen geen rechtsmiddelen meer kunnen worden ingesteld. Voorop staat dat van verzoekers mocht worden verwacht dat zij in het kader van de procedure voor het Landgericht al het mogelijke hebben gedaan om de beslissing, waar zij het blijkens hun stellingen niet mee eens zijn, ongedaan te maken. Dat doet zich hier niet voor. Na voor de Duitse rechter te zijn verschenen en een verweer ex artikel 22 van de EEX-Verordening te hebben gevoerd, hebben verzoekers er (uiteindelijk) van afgezien om van het tegen de beslissing op dat verweer volgen Duits recht openstaande rechtsmiddel gebruik te maken. Onder deze omstandigheden is het in strijd met de EEX-Verordening en behoorlijk procesrecht om verzoekers de mogelijkheid te bieden die beslissing alsnog maar dan in het kader van de onderhavige procedure te laten toetsen."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7fac1e6a32eaf90531d2bf1d4a113c7bd7ab9a12b04a92283739cc6164a244b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7fac1e6a32eaf90531d2bf1d4a113c7bd7ab9a12b04a92283739cc6164a244b, en de alinea staat in dat document op bytes 8717 tot 9761.