Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 april 2011

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 15 april 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 april 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP2316.

1.4 In het principale beroep in cassatie gaat het om een aantal geschilpunten met betrekking tot de waardering van het onteigende. In deze conclusie wordt ingegaan op de middelen van cassatie van [eiser], met name betreffende: de methode van waardering van de onteigende grond, de grootte van de voorstrook, de omvang van de correctie op de waarde daarvan en de vraag of er bij de bepaling van de schadevergoeding voor de voorstrook rekening moet worden gehouden met een BTW-component. In deze conclusie wordt behandeld of er bij het gedeelte van het onteigende dat door grond van de Gemeente gescheiden ligt van een weg sprake kan zijn van een voorstrook. Verder wordt ingegaan op de vraag of in casu het erf een meerwaarde vertegenwoordigt vergeleken met de waardering van de overige grond (afgezien van de voorstrook). Ten slotte wordt in deze conclusie het incidentele beroep in cassatie van de Gemeente besproken dat ziet op de veroordeling van de Gemeente in een vergoeding van rente volgens het bedrag van de wettelijke rente.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f58caa07b17dcff638890bda9d906cdfb9f829495b8d01d68ac8e707e3cd8744. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f58caa07b17dcff638890bda9d906cdfb9f829495b8d01d68ac8e707e3cd8744, en de alinea staat in dat document op bytes 7755 tot 8801.