Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011
Alinea 86 Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP4003.
3.12 Het is aan de wederpartij van Dexia die zich erop beroept dat Dexia in de nakoming van haar onderzoeksplicht is tekortgeschoten en die hieraan een vordering tot schadevergoeding verbindt, om feiten te stellen en bij voldoende betwisting te bewijzen waaruit kan volgen dat de overeenkomst gelet op haar inkomens- en vermogenspositie ten tijde van het aangaan daarvan naar redelijke verwachting een onaanvaardbaar zware financiële last op haar legde. In de wijze waarop in voorkomend geval die feiten kunnen worden bewezen, is de wederpartij in beginsel vrij. Wat betreft het bewijs van de omvang en de samenstelling van haar inkomens- en vermogenspositie zal hierbij evenwel uitgangspunt kunnen zijn hetgeen daarover is vermeld op een van de belastingdienst verkregen 'biljet van een proces' betrekking hebbend op het kalenderjaar waarin de betrokken overeenkomst tot effectenlease is aangegaan. De desbetreffende inkomens- en vermogenspositie kunnen derhalve door zo'n biljet worden bewezen, behoudens door Dexia te leveren tegenbewijs.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfdf44bd2a762dba9aa85c1ec17e3fed982202f0e7e287d544bae53334a32159. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfdf44bd2a762dba9aa85c1ec17e3fed982202f0e7e287d544bae53334a32159, en de alinea staat in dat document op bytes 51588 tot 52644.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bfdf44bd2a762dba9aa85c1ec17e3fed982202f0e7e287d544bae53334a32159 | shasum -a 256